Dit is muziek om de muziek. En die klinkt aanvankelijk vrij onopvallend, maar komt toch prettig over. Rudeboy heeft geen nood meer aan rappen, maar eerder aan rocken. Tegelijkertijd is The Phantom Four zowat de eerste band die erin slaagt de ongebreidelde energie van de man in te tomen. Het viertal blijkt al aardig wat sporen te hebben verdiend in het surfmilieu, maar houdt zich niet krampachtig vast aan de strikte muzikale regels ervan. De leadgitaar is wat lager gestemd dan doorgaans het geval is en vingervlug getokkel of vibrerende gitaarlijnen komen er slechts zelden bij. Verder laat Niels Jansen zijn snaredrum wel vaak roffelen, maar houdt hij het toch eerder op een stevig rocktempo dan op schuifelende surfbegeleiding, waardoor hij de aandacht naar zijn sterk, hoekig werk toe zuigt.
Songs als ‘Yin & Yang Thru’ bevatten wel ergens dat Beach Boys virus dankzij het melodieuze, strakke gitaarspel van Phantom Frank, maar houdt het tempo eerder traag, iets wat trouwens bij heel dit ep’tje opvalt. Deze muziek klinkt dan ook erg speels en expliciet. ‘Gun on My Temple’ bevat een mallemolen van rondtollende, sitarachtige gitaren en een tegendraadse ritmiek waardoor The Arguido met zijn monotone, persistente rapzang snijdt. Dat geeft een leuk, psychedelisch effect.
De zes tracks op deze cd zijn weinig opvallend of expliciet. Meer nog, zonder het palmares van The Arguido zou ‘The Obscure ep’ allicht heel erg obscuur blijven. Maar dat zou ook een grote zonde zijn. Want herhaaldelijk beluisteren doet deze liedjes mooi open bloeien. De truc van vlotte zomermelodieën en herhaalde zanglijnen mist zijn effect niet, waardoor langzaam maar zeker toch enig enthousiasme opduikt. Dat laatste is bij de afsluitende Cure cover ‘A Forest’ misschien wat minder aanwezig, aangezien het hier wel om een weinig originele en erg voorspelbare instrumentale surftransformatie gaat, maar desalniettemin is dit een fijn plaatje.
